Scholen sterker maken
Informatie op maat
Precies weten wat wij voor u kunnen betekenen? Kies uw profiel via onderstaande knoppen en u ziet al onze relevante diensten!
Afbeelding
Afbeelding

Stormloop op gymnasium

Wanhopige ouders voeren actie om hun kinderen op de overvolle gymnasia te krijgen. Elitair of niet, de scholen scoren uitstekend.

Arie Soeteman baalt. De 11-jarige staat niet tussen de namen op de website van het Stedelijk Gymnasium te Haarlem. ‘Hij heeft zelf een brief geschreven aan de rector, dat hij het niet netjes vindt’, vertelt zijn moeder Anne-Marie Wolf. ‘Jij hebt zo’n mooie Cito-score, jij komt er altijd in, had hij te horen gekregen. Maar de school had niet voorzien dat de zogeheten A-groep zo groot zou zijn, dat ze daarin óók moesten loten.’

Zoals in het klassieke Athene burgers in het stadsbestuur kwamen door loting, zo worden momenteel aanstaande gymnasiasten uitverkoren of juist afgewezen. In totaal vallen 26 kandidaten voor het Stedelijk in Haarlem buiten de boot.

Wolf, advocate en tevens CDA-raadslid in Bloemendaal, voert het woord namens de ouders van elf kinderen. ‘We hopen dat we er nog uitkomen. De school heeft namelijk een brugklas minder dan vorig jaar. Als ze dat terugdraaien, is er niets aan de hand. Maar desnoods stappen we naar de bestuursrechter. Vóór 4 juni, als ze de boekenlijst kunnen ophalen, willen we duidelijkheid.’

Arie Soeteman staat niet alleen. In het hele land worden kleine bollebozen teleurgesteld. Wordt er in Haarlem geloot, in Rotterdam biedt een extra intelligentietest uitkomst. Daarmee moest het eerbiedwaardige Erasmiaans Gymnasium ruim vijftig kandidaatjes teleurstellen.

Omdat er in Amsterdam telkens teveel animo is voor de beroemde gymnasia Barlaeus, Vossius en Ignatius, is het 4e Gymnasium gestart. Dat is nog steeds niet genoeg. Boze ouders hebben de site gymnasiumvooriedereen.nl opgericht.

‘Het probleem van te veel aanmeldingen speelt bij zeker 25 van de 35 gymnasia’, zegt voorzitter Joke Gaasbeek-Luursema van de Vereniging Rectoren Zelfstandige Gymnasia. ‘Het is heel moeilijk om een nieuw gymnasium op te richten. Er zijn amper locaties, en er is een groot spanningsveld met andere scholen. Die zijn bang dat ze dan nog meer slimme leerlingen kwijtraken.’

Gaasbeek-Luursema, tevens rector van het Stedelijk Gymnasium in Schiedam, zoekt de populariteit vooral in de goede kwaliteit. ‘Wij deden al vroeg onderzoek naar examenresultaten en slagingspercentages. Ik kan je verzekeren dat het werkt als een rector denkt: oei, ik doe het niet zo goed. We zijn met de tijd meegegaan, zo hebben we het hoofd boven water weten te houden.’

Als een feniks, het fabeldier uit de Griekse mythologie, is het gymnasium uit de eigen as herrezen. In de jaren zestig halveerde de Mammoetwet het aantal gymnasia tot veertig stuks. In de jaren negentig stonden ze onder enorme druk om op te gaan in grote scholengemeenschappen. Staatssecretaris van Onderwijs Jacques Wallage (PvdA) voerde de basisvorming in en zag het liefst een einde aan het elitaire gedoe.

‘Er zijn talloze gevechten met gemeentebesturen geweest’, herinnert Gaasbeek-Luursema zich. Maar met veel enthousiasme hebben de oude instellingen (gymnos betekent naakt in het Grieks, een gymnasium was een sportschool) het gered. Hun leerlingenaantal steeg van 12.000 in 1970 tot 25.500 vorig jaar. En dat terwijl het aantal geboortes sinds de jaren negentig dalende is.

Ook ver boven de Rijn, de oude noordgrens van het Romeinse Rijk, loopt het storm. ‘Wij hebben ruim twee klassen te veel aanmeldingen’, vertelt conrector Everdine van der Velden van het Willem Lodewijk Gymnasium uit Groningen. Nu is nog de regel: wie het eerst komt, het eerst maalt. ‘Maar het is niet uitgesloten dat we gaan nadenken of we dat moeten handhaven. Anders gaan de ouders in de toekomst bij wijze van spreken in een slaapzak voor de deur liggen’, aldus Van der Velden.

Haar school liet onderzoeken waarom eigenlijk zoveel ouders voor het Willem Lodewijk kiezen. ‘De kleinschaligheid en gezelligheid blijken de doorslag te geven. En natuurlijk blijft de belangstelling voor de Klassieke Oudheid bestaan.’

Geen enkele ouder zal het toegeven, maar vaak vinden ze het relatief witte, elitaire karakter van een gymnasium ook best prettig. Geen vmbo’ers onder hetzelfde dak, zoals in menig scholengemeenschap. Een vertrouwde omgeving.

De status zal ook meespelen. Bij het directe nut van Latijn en Grieks kunnen immers vraagtekens gesteld worden. Het veelgebruikte argument dat ze het logisch denken bevorderen gaat net zo goed op voor wiskunde. Waarom niet meer exacte vakken, gelet op de roep om innovatie?

Gymnasia gaan er echter nu al prat op dat hun leerlingen niet alleen een talenknobbel hebben. Ze scoren beter scoren dan gewone vwo’ers op het centraal eindexamen wiskunde B. Het scheelt zo een halve punt. Datzelfde geldt overigens voor Frans en geschiedenis. Alleen in Latijn en Grieks scoren ze precies even goed als de scholengemeenschappen.

Daar bloeit de Oudheid eveneens. Ongeveer anderhalf keer zoveel gewone vwo’ers als gymnasiasten doen eindexamen in de klassieken. Bovendien zitten Grieks en Latijn ook sterk in de lift op de gewone vwo-scholen. Status of niet, je kunt er evengoed alles leren, van de fantastische epen van Homerus tot de filosofische dialogen van Plato. Want de meerwaarde van de klassieken zit uiteindelijk vooral in de klassieken.

Toch wil moeder Wolf haar zoontje niet naar een scholengemeenschap sturen. ‘Wij kiezen om onderwijskundige redenen voor een categoraal gymnasium. Daar begin je al in de brugklas met verbreding, zoals het vak filosofie. Later kun je juist meer de diepte in.’

Haar zoontje heeft ze voor de zekerheid ingeschreven op het Stedelijk Gymnasium in Leiden. ‘Dan moet Arie in zijn eentje met de trein. Hij zal zijn vriendjes missen, zegt hij nu al.’ Misschien kan Arie zich een beetje troosten met de wetenschap dat meer wegen naar Rome leiden

Bron: De Pers